De Omgeving
Het huis ligt in een gehucht vlak bij Montsalvy.
Prachtig groen wandelgebied,met oa. de tamme kastanjebomen.
De Lot ligt op15 km afstand en biedt de mogelijkheid om te kanoŽn.
Super Lioran, een mooi skigebied, ligt op een klein uur afstand











 
Voorzieningen in de nabijheid
In Montsalvy en in Calvinet, beiden op 8km afstand, zijn alle basisvoorzieningen te vinden.
Op 25 km ligt Aurillac (hoofdstad van de Cantal) met grote supermarkten, ziekenhuizen enz.











Klimaat
Het klimaat wordt beÔnvloed door de Middellandse Zee, waardoor het zomers zeer aangenaam is. In de winter is er in de omgeving de mogelijkheid om te skieŽn en te langlaufen.


De Cantal
De Cantal is een departement met een oppervlak van
5.726 vierkante kilometer. Er wonen ca. 150.000 mensen.
Het landschap is afwisselend met veel weiden, bossen en
bergen. Het hoogste punt is de Plomb du Cantal met een
hoogte van 1858 meter.
Het laagste punt is het dal van de Lot met 210 meter.
In Aurillac vindt jaarlijks in augustus een straattheater- festival plaats.

Een derde gedeelte van alle Franse bronnen bevindt zich in de Auvergne (oude provincienaam voor dit gebied). De thermale bron in Chaudes-Aigues is de warmste met een temperatuur van 82 graden Celsius. Tussen 7,8 miljoen jaar en 2,5 miljoen jaar voor Christus  bevond zich in het gebied van de Cťzalierheuvels een werkende vulkaan. De donkerbruine koeien van het Salers-ras zijn typisch voor de Cantal. Zij zijn met succes geŽxporteerd naar Portugal, ArgentiniŽ en Texas. De Cantal is het enige departement van Frankrijk dat zes kaassoorten van AOC-kwaliteit fabriceert: Cantal, le Salers, la Fourme d'Ambert, le Saint Nectarine, le Blue d'Auvergne, le Laguiole.

Korte Historie.
In het gebied van de Cantal was al vrij vroeg bewoond. Tot op de dag van vandaag zijn resten terug te vinden uit de Romeinse tijd. Zoals thermale bronnen met hun baden in Vic-sur-CŤre en in Chaudes Aigues. Deze gallo-romeinse tijd duurde tot in de tweede eeuw. Hierna brak een tijd aan waarin bisschoppen en graven dit gebied bestuurden. Het stedelijk leven ontwikkelde zich in de buurt van kloosters (Saint-Flour, Maurs, Montsalvy) en kastelen (Murat, Salers, Laroquebrou).













De Abdij van Maurillac
Deze abdij is aan het eind van de negende eeuw gesticht door graaf Gťraud. Al snel verwierf de abdij een grote faam. Gigantische processies en belangrijke scholen trokken veel vreemdelingen aan. Eťn van hen was de geleerde Gerbert, die in het jaar 1000 tot paus benoemd werd. In deze tijd ontstond ook de naam Auvergne (groot gebied rondom Clermond-Ferrand) en de Haut-Auvergne (de streek rondom Aurillac).

Oorlog
De dertiende en de veertiende eeuw kenmerkten zich door een bloeiende handel, de opkomst en verspreiding van de occitaanse literatuur (occitaans is een oude taal die voorkomt in een groot gebied van Zuid-Frankrijk, en die nog steeds door de plattelandsbevolking wordt gesproken). Maar ook door de z.g. Engelse oorlogen. De Cantal werd gedurende ongeveer 50 jaar het strijdtoneel van rivaliserende bendes. Tijdens de vijftiende eeuw is veel hersteld van wat door deze strijd vernietigd was. Vervolgens werd vooral de Haute-Auvergne het strijdtoneel van de machtsstrijd tussen de adellijke families Armagnac en Bourguignon. Hierbij werd het grote kasteel van Carlat, bezit van de familie Armagnac, bezet door de troepen van Louis XI. Als einde van het feodale tijdperk in de Cantal wordt wel de val van dit kasteel gezien.

Reformatie
Rond 1540 ontbrandde de strijd tussen katholieken en protestanten. Aurillac was hierbij enkele malen het middelpunt van een heftige strijd. Verschillende keren wisselde het bewind van de stad van kleur. Hierna brak een relatief rustige tijd aan tot de zeventiende eeuw toen Henri IV koning van Frankrijk werd. Hij liet het fort van Carlat in 1633 met de grond gelijk maken. Waarna Richelieu hetzelfde liet doen met de fortificaties van Murat, Pleaux en Calvinet. In 1616 was al een beheerder van deze provincie aangesteld als teken dat de Auvergne definitief deel uitmaakte van het koninkrijk Frankrijk.

Op weg naar de 19e Eeuw
Tijdens de revolutie kreeg Frankrijk een nieuwe indeling: de departementen. Op 22 februari 1790 werd de Cantal in het leven geroepen. Dit departement omvat het gebied van de voormalige provincie Haut-Auvergne. De hoofdstad was afwisselend Aurillac en Saint-Flour. In 1794 kwam hier een eind aan en vanaf die tijd was Aurillac de hoofdstad en Saint-Flour de zetel van de bisschop. Na de tijd van de revolutie is de aanleg van wegen hervat. Een belangrijke mijlpaal was de aanleg van de tunnel "du Lioran" (van 1839 tot 1847). Vrij kort hierna begon men met de aanleg van spoorwegen. Aurillac werd steeds meer het centrale knooppunt van wegen en spoorwegen en bevestigde hiermee zijn rol als departementale hoofdstad. Een ander gevolg was dat steeds minder bouwland nodig was voor de boeren. Via de weg en het spoor konden de benodigde produkten aangevoerd worden. Sinds die tijd is dan ook de groene Cantal ontstaan met zijn uitgestrekte "prairies."Door de verbeterde infrastructuur ontstond ook op bescheiden schaal enige industrie. Ook werd de Cantal bereikbaar voor toeristen.

Cantal in de eenentwintigste eeuw
Rond 1900 telde de Cantal 250.000 duizend inwoners. In deze tijd was de trek naar de grote steden (voornamelijk naar Parijs!) in volle gang. Toen hier ook nog eens de inzet van de (mannelijke) bevolking op de slagvelden van de Eerste Wereldoorlog bijkwam, werden hele dorpen gedecimeerd.De Tweede Wereldoorlog eiste ook zijn tol toen het Auvergnatse verzet vanaf 1943 het massief van de Cantal gebruikte als schuilplaats. In mei en juni 1944 vonden dodelijke gevechten met de Duitsers plaats vlak bij Chaudes-Aigues.

Tijdens deze eeuw is het aantal inwoners gestaag teruggelopen. Er zijn nu ca. 150.000 inwoners in de Cantal. Verder is het aantal boerenbedrijven gestabiliseerd tot 6.600. In hoofdzaak veeteelt: koeien voor vlees en melk. Verder gaat de schaalvergroting nog steeds door. Elk bedrijf is momenteel gemiddeld 56 ha groot. Dit is 10 ha meer dan het gemiddelde voor heel Frankrijk. Ongeveer 1/5 deel van de Cantalese beroepsbevolking is werkzaam in de agri-sector.

Met ingang van 9 januari 1985 is hele departement bij wet tot bijzonder gebied verklaard. Bescherming van het bergachtige gebied staat hierbij voorop. Maar er is ook hulp om in dit moeilijke gebied veeteeltbedrijven te exploiteren, waarbij kwaliteitsbevordering van de produkten een belangrijke doelstelling is. Als mogelijkheid voor aanvullende inkomsten wordt het agro-toerisme gezien: kamperen bij de boer en exploitatie van chambres d'hŰtes.

De Cantal trekt steeds meer toeristen. Een belangrijke trekpleister zijn de bergen van de Cantal. Je kunt er skiŽn en langlaufen in de winter en wandelen, paardrijden en fietsen in de andere seizoenen. Andere activiteiten zijn jagen, vissen, kanoŽn, zwemmen en zeilen.












Er zijn enkele stuwmeren waar de watersporter welkom is. Ook toeristen die meer aan cultuur in hun vakantie willen doen komen aan hun trekken: meer dan 160 kastelen, landhuizen en kerken wachten op bezichtiging.